De Europese Centrale Bank (ECB) mag Portugese staatsobligaties op blijven kopen. Portugal, dat in zwaar weer verkeerd, was daarvoor afhankelijk van de rating van een klein, onbekend ratingkantoor, dat vrijdag de rating van Portugal heroverweegde.

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft vastgelegd dat het alleen staatsobligaties mag opkopen als een land geen junkstatus heeft. Daarvoor kijkt de centrale bank naar het oordeel van vier ratingbureaus. Het gaat om de drie grote ratingbureaus (Standard & Poor’s, Moody’s en Fitch), en het onbekende Canadese DBRS.

Bij de drie grote ratingbureaus heeft Portugal al langer een junkstatus, maar bij DBRS was Portugal nog boven de kritieke grens. Dat is voldoende: zolang zeker één van de vier ratingbureaus Portugal geen junkstatus toekent, mag de ECB staatsobligaties opkopen.

Ook DBRS ziet problemen

Vrijdag maakte DBRS bekend dat de status van Portugal op BBB blijft – net boven de junkstatus dus. Volgens het ratingbureau is het vooruitzicht  bovendien ‘stabiel’. Wel benadrukte het ratingbureau dat Portugal flinke uitdagingen in het vooruitzicht heeft, waaronder het terugdringen van de staatsschuld, de beperkte economische groei en de hoge schulden in de private sector.

Als ook DBRS de rating had verlaagd, zou dat grote gevolgen hebben gehad. Als de ECB het Portugese staatspapier niet meer mag opkopen, zou lenen veel duurder zijn geworden. Ook kan Portugal dan in principe niet meer lenen bij de ECB: zolang Portugal geen junkstatus heeft kan het staatsobligaties als onderpand gebruiken om goedkoop te lenen. Maar daarop kan een uitzondering worden gemaakt: in het verleden stond de ECB dat bij Griekenland ook al toe.

Desondanks zullen de kosten om te lenen flink stijgen, voor zowel de overheid als voor bedrijven en burgers. Dat kan de Portugese economie verder onder druk zetten, en een nieuw blok aan het been worden van de EU, aldus Wall Street Journal.

Weer snijden in overheidsuitgaven

In 2011 stak de EU Portugal de helpende hand toe nadat het in enorme financiële problemen terecht was gekomen. In de drie jaar die daarop volgden, werd er flink gesneden in de overheidsuitgaven. De salarissen van ambtenaren werden gekort, staatsbedrijven werden geprivatiseerd en belastingen werden verhoogd. Het begrotingstekort daalde van 10 procent in 2010 tot 3 procent in 2015.

Maar er zijn nog altijd grote problemen. Portugal exporteert meer, maar de import stijgt ook. Bedrijven investeren nauwelijks, de werkloosheid ligt nog boven de 12 procent. Daarnaast is er altijd nog een forse staatsschuld van 129 procent van het BBP. Bovendien kwamen de afgelopen jaren meerdere Portugese banken in de problemen.

Sinds 2015 is er bovendien een linkse regering, die de lonen van de ambtenaren heeft verhoogd en de belastingen hebben verlaagd. Dit jaar heeft premier António Costa aangekondigd weer flink te gaan snijden in de overheidsuitgaven, onder druk van de Europese Commissie.

 

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl